OB 02
Dat blijft een moeilijk punt. Het is niet duidelijk.
Ook niet voor uitvoerende organisaties, de verkeerskundige van veelal gemeenten.
Bij navraag, landelijke overheid, advies overheid was, vraag het aan de uitvoerende. Wij gaan niet in op een specifieke situatie. Met in het antwoord, dit is mijn persoonlijke mening. Dat geeft een punt van aandacht. En dat doe je dan, zo ook bij verkeersbureaus, die voor meerdere gemeenten werken. Sommige zijn stellig, art.2b. vraag je door, andere redenatie, twijfel. Een rechtszaak bekijken, een conclusie, hoe komt zo’n conclusie tot stand. De inbreng van de verdediging, de zienswijze, die de rechter dan toets, die inbreng zienswijze kan cruciaal zijn. Geef je dat ene punt mee of niet, een burger beroep, wegens bezwaar gemaakt op boete, zal de kennis van waar wat staat niet tot in detail kennen. Bijvoorbeeld de oorsprong van art. 2b, de bedoeling van de verandering, de algehele doelstelling, wat men beoogt, de toelichting en zijn bewoording. Een woord “tevens” kan al heel veel uitmaken. Enerzijds zegt het dat iets expliciet is, maar ook, dat er daarnaast een andere route is.

Dan, het bonnenboekje, de regeling, wet, is dat dekkend opgesteld, is men wat vergeten te vernoemen. Zo zijn zaken te beargumenteren. De methodiek achter “, tenzij anders is bepaald.” Je bepaald, dat “tevens” geldt, alsmede, daarnaast. En zo wordt er wel vaker teruggegrepen naar de memorie van toelichting.
Was alles maar expliciet uitgeschreven, delen wel. Kan het duidelijker, ja. Als verkeerskundigen het al tweeledig uitleggen. Naast elkaar werkende routes van uitleg. Als ik nu een bekeuring zou krijgen, dan zou ik naar de verkeerskundige van de gemeente stappen en een concrete vraag stellen, mag ik hier met de snorfiets in. Om er zo achter te komen, hoe de gemeente het heeft bedoeld en dit daarna aan de rechter voorleggen, met bovenstaande beargumentatie. Dan pas kom je tot iets. De afweging.
De bovenstaande foto’s bij eenrichting, mij ging het hier om het gehandicaptenvoertuig, en wat is toegestaan, daar dacht ik over na, daarnaast is er nog de snorfiets problematiek.
Op basis van wat, is het zo.
Uitgezonderd:
(Brom) fietsers, tekst, het lijkt duidelijk, dat op basis van art. 2b het geldt voor snorfietsers vanwege het woord fietsers en niet bromfietsers.
De twee symbolen, omdat het bromfietssymbool er staat, is het expliciet geldig voor snorfietsers beschreven of het daarnaast op basis van OB52, art. 2b ook zo is daar zijn de meningen over verdeeld.
OB52
Vraag ik het concreet aan een verkeerskundige, dan zeggen vele, het geldt ook voor snorfiesers, daar zijn sommige stellig in. Loop ik in de stad, en er loopt een BOA, dan vraag ik even wat daar staat, uitleg fietssymbool en snorfietsers. Je wilt niet weten wat voor draaiende antwoorden je krijgt. Zo ook al er staat fietsen toegestaan.
Vandaar dat ik een presetdeel, niet presenteer, omdat de werking niet duidelijk is, je niet ten nadelen van snorfietsers wil taggen. Zodat er geen verkeerde werking ontstaat. Dat niet de preset de beslissing neemt, maar dat de tagger, het zelf moet doen.



En zo heb ik tekst en symbolen op onderbord deels uitgewerkt.